Gister schreef ik voor bepaalde mensen mogelijk harde woorden over de boeren in mijn regio. Dit moge dan zo zijn, ik denk dat ik nog wat mild was, omdat ik met de rem erop schreef, om zo objectief mogelijk over te komen. Wat objectief is, is misschien wel erg subjectief. Wij vinden van alles over de boeren in ons land, van lovend tot vernietigend. Dit mag gelukkig nog, in ons land, je wordt er niet voor in de bak gesmeten, zoals in Rusland, of Turkije, Noord-Korea, China, Hong Kong, en vandaag de dag ook al vrij snel in Trumps VS, als je iets zegt dat niet rijmt met diens ‘filosofieën’. Trump een filosoof? Ja, op zich wel, maar dan wel een vreemd gedachtegoed predikend, met veel scheldwoorden, straat- en expliciete taal etc…
Objectief, subjectief. Deze twee worden gingen door mijn hoofd toen ik gister de bioscoop uitliep na The Odyssee te hebben gezien. Het is lang geleden dat ik in verwarde toestand een bioscoop verliet. Na tweeëneenhalf uur in de donkere zaal, met prachtige beelden, sterk acteerwerk en vooral heel veel lawaai van muziek en bijgeluiden, kom je diffuus weer buiten in het felle zonlicht, dat op dat moment nog niet aan het afnemen was door de eclips – het was de ‘kindervoorstelling’ die ik bezocht, al is het een film voor 16 jaar en ouder. Terecht! Niet vanwege expliciete seks en andere ranzigheden, maar vanwege het geweld, het shockeffect door het lawaai en afwijkende, angstaanjagende types zoals de reusachtige cycloop Polyphemos, die Odysseus’ soldaten opeet als broodjes kaas…
Het gekke is dat ik, in mijn onnozelheid, Odysseus, een halfgod, volgens één tak van de Griekse Mythologie de zoon van Sisyphus, altijd heb voorgesteld als een zeer indrukwekkende figuur, zeker fysiek, een grote, sterke man, een reus ook, een typische figuur uit de Mythologie. Matt Damon zet hem prachtig neer, een indrukwekkende prestatie, met baard en al, maar hij maakte geen indruk op me, als Odysseus. En Anne Hathaway speelde mooi Penelope, maar ook haar had ik me mythischer, mooier, ongrijpbaarder voorgesteld. Het waren ‘gewoon’ mensen, ik miste de legendarische schoonheid die uitgaat van de Griekse Mythologie. Maar eerlijk is eerlijk, dit kan vrij eenvoudig worden toegewezen aan mijn onnozelheid en beperkte kennis van de Oude Griekse Literatuur…
Ik weet dus niet wat ik ermee moet, deze film van topregisseur Christopher Nolan, en zijn vaste director of photography Hoyte van Hoytema. Alhoewel, Tenet uit 2020 vond ik bagger, Dunkirk aan de magere kant en Oppenheimer vond ik zo-zo. Z’n Batman-films vond ik ook niet echt lekker gaan. Ik teer nog steeds op zijn meest geweldige film Interstellar, waarmee hij zich wat mij betreft in de Top Tien Aller Tijden heeft genesteld. Het is niet ondenkbaar dat ik The Odyssee nog een keer moet gaan zien, of meerdere keren, om ‘beter in het verhaal te komen’, of iets dergelijks. Wat ik ook niet lekker vind: de actrice, Zendaya, een hoofdrol in Dune, opnemen in de cast van The Odyssee, omdat zij hóórt bij Dune – een film van het kaliber Interstellar. Je moet geen actrices wegkapen bij andere regisseurs…
En dan Robert Pattinson (goede rol als bad guy Antonoös!) en Mia Goth, die al samen te zien waren in High Life. Ik weet nooit wat ik met zulke coïncidenties mag of moet. Of Anne Hathaway die al opdraafde in meerdere Nolanfilms. In een trailer vooraf zag ik dat ze thans een hoofdrol heeft in een nieuwe baggerachtige rampenfilm, deze maand nog in de bioscopen: The End of Oak Street – zeg maar Jurassic Park meets Nightmare on Elm Street. Wat een ellende zeg, die trailer. Pulp van de bovenste plank, met vreemd genoeg een topcast. Net zoiets als 2012 met John Cusack – de film die ‘net niet’ (eigenlijk: bij lange na niet) gered kon worden door de mooie bijrol van Woody Harrelson. Films, ze maken wat los in een mens. Bij mij zeker! Maar toch, het is fantasie, niet ècht, based on een roman van een auteur, Homerus, van wie we niet eens weten of hij echt heeft bestaan…